Verhaal & Executie

Een vordering hebben is één ding, een vordering daadwerkelijk verhalen iets anders. Dat verschil wordt zichtbaar wanneer de wederpartij niet vrijwillig betaalt, vermogen aan verhaal onttrekt of na een toewijzend vonnis geen verhaal blijkt te bieden.

Ik tref de maatregelen die nodig zijn om verhaalsmogelijkheden veilig te stellen en te benutten. Dat kan beginnen met verhaalsonderzoek, gevolgd door executie op aangetroffen vermogensbestanddelen. Soms is juist vroegtijdig conservatoir beslag nodig, ook ten laste van andere betrokken partijen wanneer voldoende grond bestaat om hen aansprakelijk te houden. Afhankelijk van de omstandigheden kunnen daarnaast een faillissementsaanvraag, de aansprakelijkstelling van een bestuurder of de vernietiging van benadelende rechtshandelingen aan de orde zijn.

Civiele fraudezaken vormen een belangrijk onderdeel van deze praktijk. Daarbij staat het herstel van de vermogenspositie van de benadeelde partij centraal. Dat vereist onderzoek naar geldstromen, transacties, vennootschapsstructuren en de daarbij betrokken personen. In complexe of grensoverschrijdende zaken werk ik waar nodig samen met specialisten in financieel-economisch strafrecht, forensisch onderzoek en opsporing.

Beslag en tenuitvoerlegging

Conservatoir beslag is een belangrijk middel om te voorkomen dat vermogen verdwijnt voordat de rechter over de vordering heeft beslist. Beslag kan onder meer worden gelegd op banktegoeden, vorderingen op derden, onroerende zaken en aandelen. Daarvoor is verlof van de voorzieningenrechter nodig. De eis in de hoofdzaak moet vervolgens worden ingesteld binnen de door de voorzieningenrechter bepaalde termijn, in beginsel veertien dagen na het eerstgelegde beslag.

Een beslag dat achteraf ten onrechte blijkt te zijn gelegd, kan tot aansprakelijkheid leiden. De grondslag, het moment en het voorwerp van het beslag vragen daarom om een zorgvuldige afweging. Ik treed op voor schuldeisers die beslag willen leggen en voor partijen die opheffing of beperking verlangen van een beslag dat ten laste van hen is gelegd.

Zodra een executoriale titel beschikbaar is, kan tot tenuitvoerlegging worden overgegaan. Een eerder gelegd conservatoir beslag gaat dan in beginsel over in executoriaal beslag. Blijft betaling uit, dan kan aanvullend beslag worden gelegd en kunnen vermogensbestanddelen worden uitgewonnen. Geschillen over de tenuitvoerlegging kunnen in een executiegeschil in kort geding aan de rechter worden voorgelegd.

Civiele fraude en verhaalsonderzoek

In civiele fraudezaken is de vaststelling van aansprakelijkheid slechts een deel van het werk. Het gaat er vooral om te achterhalen waar het vermogen is gebleven, welke partijen bij de fraude betrokken waren en op wie de schade kan worden verhaald.

Verhaalsonderzoek moet duidelijk maken hoe vermogen is verplaatst, welke transacties kunnen worden aangetast en welke natuurlijke personen of rechtspersonen aansprakelijk kunnen worden gehouden. Het onderzoek kan zich daarbij ook uitstrekken tot vermogen en entiteiten in het buitenland.

Afhankelijk van de uitkomsten kunnen conservatoir beslag, een vordering tegen betrokken partijen, bestuurdersaansprakelijkheid, een beroep op de actio pauliana of een faillissementsaanvraag worden ingezet. Wanneer vermogen is weggesluisd of via constructies wordt verhuld, speelt zogenaamde 'asset recovery' een centrale rol.

Faillissementsaanvraag

Een faillissementsaanvraag kan deel uitmaken van de verhaalsstrategie wanneer een opeisbare vordering onbetaald blijft en de schuldenaar ook andere schuldeisers onbetaald laat. De rechter beoordeelt summierlijk of de vordering bestaat en of de schuldenaar verkeert in de toestand dat hij heeft opgehouden te betalen. Daarvoor is ten minste één steunvordering nodig.

Daarom moet niet alleen worden beoordeeld of aan de wettelijke vereisten is voldaan, maar ook of de aanvraag binnen de verhaalsstrategie het beoogde effect kan hebben.

mr. Ramon Vastmans, advocaat voor beslag, executie en verhaal van vorderingen

Paulianeus handelen

Een schuldenaar kan schuldeisers benadelen door vermogen over te dragen of te bezwaren, door een niet-opeisbare schuld te voldoen of door onverplicht zekerheid te verstrekken. Onder omstandigheden kan zo’n rechtshandeling worden vernietigd met een beroep op de actio pauliana. Buiten faillissement kan de benadeelde schuldeiser dat zelf doen. Na faillietverklaring komt die bevoegdheid toe aan de curator: de faillissementspauliana.

Niet iedere voor schuldeisers nadelige transactie is paulianeus. Van belang zijn onder meer de daadwerkelijke benadeling, de vraag of de rechtshandeling verplicht was en wat de betrokken partijen over die benadeling wisten of behoorden te weten. Zo nodig kan conservatoir beslag op het overgedragen vermogen voorkomen dat dit verder aan verhaal wordt onttrokken.


Ervaring

  • Aanvraag van een faillissement van een asset management BV wegens onbetaalde managementvergoedingen, resulterend in grotendeels betaling en een regeling.
  • Bijstand aan een gedupeerde van grootschalige internationale voorschotfraude bij het verhalen van schade op betrokken entiteiten.
  • Verdediging van een bestuurder van een failliete vennootschap in een aansprakelijkheidsprocedure tegen een grote verzekeraar.
  • In de periode 2020–2023 regelmatig opgetreden in faillissementen, zowel voor curatoren als procederend tegen curatoren.

Meer diensten van Vastmans Advocatuur